jun 16 2010

Peter R.: Zaak Koos H. nog erger dan gedacht

 

Een van de vele doofpotaffaires:

AMSTERDAM – Peter R. de Vries is slecht te spreken over de antwoorden van demissionair minister Hirsch Ballin (justitie) in de geruchtmakende zaak Koos H. “De minister lijkt alles in het werk te hebben gesteld om de deksel op de doofpot te houden”, valt te lezen op de site van de misdaadverslaggever.

De Vries zond in april drie uitzendingen uit over de wegens seksuele marteling van en moord op drie jonge meisjes tot levenslang veroordeelde moordenaar Koos H. Uit de reportage bleek dat de kindermoordenaar in de tbs-kliniek pornofilms kon kijken en dat hij veel hulp had gekregen van de inmiddels overleden rechter mr. C. Stolk (vice-president bij de rechtbank van Den Haag) met wie H. naar eigen zeggen een seksuele relatie had.

De minister toonde zich geschokt na de uitzendingen en beloofde dat de onderste steen boven moest. Hij beloofde onder meer uitgebreid in te gaan op Kamervragen van VVD’er Fred Teeven.

Nu deze antwoorden er zijn concludeert Peter R. de Vries dat de minister er juist alles aan doet om de doofpot in stand te houden. “Uit de beantwoording van de Kamervragen valt op te maken dat de minister vooral bezig is om de affaire rond de in opspraak geraakte rechter te ‘managen’ en de imagoschade te beperken, in plaats van op zoek te gaan naar de waarheid. Uit de beantwoording van de Kamervragen valt op te maken dat de minister vooral bezig is om de affaire rond de in opspraak geraakte rechter te ‘managen’ en de imagoschade te beperken, in plaats van op zoek te gaan naar de waarheid. Desondanks valt uit de antwoorden aan Kamerlid Teeven op te maken dat de affaire mogelijk nog schokkender is dan wij hadden aangenomen”, aldus De Vries op zijn site.

Zo blijkt in mei 1981 een hoofdinspecteur van de Haagse politie al eens vragen heeft gesteld aan rechter Stolk over zijn vermeende relatie met Koos H. “In het rijksrechercherapport waaruit minister Hirsch Ballin nu citeert, staat dat rechter Stolk bij die gelegenheid het bestaan van de seksuele relatie aan de hoofdinspecteur ‘noch heeft bevestigd, noch heeft ontkend’”, aldus de misdaadverslaggever.

Daarnaast blijkt advocaat-generaal mr. Feber, die Stolk opzocht in de Bijlmerbajes, niet helemaal de waarheid te hebben gesproken tegenover Peter R. de Vries. Hij ontkende in de uitzending dat er onderzoek was verricht naar Stolk. Maar uit antwoorden van Hirsch Ballin blijkt dat de rijksrecherche in de jaren ’80 wel degelijk onderzoek heeft gedaan naar de rol van Stolk. Dit gebeurde zelfs op aangeven van advocaat-generaal Feber, die juist in de SBS6-uitzending voor de verborgen camera bij herhaling beweerde dat er nooit sprake is geweest van een dergelijk onderzoek.

Fred Teeven heeft al laten weten, het er niet bij te zullen laten zitten. Hij gaat opnieuw vragen stellen.

Lees verder op de site van Peter R. de Vries.

 

Als Fred Teeven dan toch opnieuw vragen gaat stellen laat hij dan ook even de doofpotaffaire m.b.t. de veroordeling van Louis Hagemann ter discussie stellen.

Of is het Peter het daar niet mee eens Fred?
Komt er dan teveel uit die enorme beerput vloeien die de integriteit van Peter ter discussie zal stellen.
Naar mijn mening is die integriteit al discutabel gelet op zijn wipvakanties met buitenechtelijke vrouwtjes die met de dag jonger worden. In hoeverre is hij voor de charmes van Renetta van der Meer gevallen?
Hoeveel geld kreeg Peter betaald om Louis Hagemann uit beeld te laten verdwijnen.

Tuurlijk zal hij dat niet openbaren en erkennen maar wij weten wel beter.

Kom op Fred…….WIJ WILLEN KAMERVRAGEN OVER DE LEVENSLANGE VEROORDELING VAN LOUIS HAGEMANN! Je weet wel… het verdrag Equality of Arms is totaal niet aan de orde geweest en kan ook niet aan de orde zijn daar er niets getoetst kon worden!
Hoe is het mogelijk dat iemand veroordeeld wordt op verklaringen van horen zeggen die in de zaak Joan Wilson onderuit gehaald werden en in de zaak Bolhaar overeind bleven?

Cor Kok, de man die rondbazuinde dat Bryan Bolhaar het kind was van Louis Hagemann.
Cor Kok, de man de rondbazuinde dat er een vingerafdruk van Louis Hagemann was gevonden.
Cor Kok, de man die rondbazuinde dat Louis precies wist hoe de slachtoffers gekleed waren (wat nergens uit gebleken is)
Cor Kok, de man die rondbazuinde Louis Hagemann in 1985 ontboden was op het politiebureau.

Cor Kok oud politiefunctionaris die naar bed ging met het beeld van Louis Hagemann en opstond met het beeld van Louis Hagemann. Een foto in zijn bureaulade had liggen omdat hij Louis Hagemann tot in zijn tenen haatte. Cor Kok die in alle toonaarde de onschuldpresumptie heeft overtreden.

Cor Kok die zijn positie misbruikte om collega’s e.d. op het verkeerde been te zetten en gezet heeft!

Kamervragen Fred, kamervragen!!!

Hoe kan het dat Renetta van der Meer, jaren na de veroordeling van Louis Hagemann rechtstreeks in contact kan treden met Bob Schagen de rechercheur die tot supercop werd uitgeroepen. Kamervragen Fred!

Hoe kan het dat het tipgeld werd uitgekeerd na eerste aanleg?
Bedragen a 20.000 euro en 10.000 euro die niet zijn weggeboekt alszijnde tipgeld. Hoe kan dat?

De zoveelste doofpotaffaire!

 

Tags: , , , , , , , , ,


nov 05 2009

Recherche dreigde met martelpraktijken

Category: Nieuwsflits,Rechtstaatadmin @ 19:39

 

  

Van onze verslaggevers

DEN HAAG – Voormalig AIVD-agent Hans H. die eerder met zijn partner, AIVD-analist Heleen S. werd opgepakt op verdenking van het lekken van staatsgeheimen naar De Telegraaf, blijkt op schokkende wijze te zijn verhoord en daarbij zelfs impliciet met marteling te zijn bedreigd. H. en S. kwamen eerder vanmiddag vrij nadat de rechtbank hun voorlopige hechtenis schorste. Volgens H.’s advocaat spelen de “onacceptabele verhoormethodes door twee rijksrechercheurs” daarbij mogelijk een rol.

H. werd volgens zijn raadsman Derk van der Elzen met schietbewegingen, impliciete dreigementen over allerlei martelmethodes als waterboarding en verhalen over een plotselinge dood tijdens politieverhoren onder druk gezet. Officier van justitie Harderwijk bevestigt via zijn woordvoerder dat het openbaar ministerie een intern onderzoek naar de kwestie is gestart.

Lees verder: De Telegraaf

 

Velen zullen mompelen “daar heb je haar weer”

So be it, voor mij is bovenstaande berichtgeving geen nieuws of nieuwtje. Voor mij zijn het vaststaande feiten die alleen nooit naar buiten toe kwamen en moeilijk naar buiten gebracht konden worden.

Tja, je hebt nu eenmaal met een leger aan “integere” personen te maken, ahummm. Als ik  je vertel dat er personen plotseling in de bajes het loodje leggen dan gelooft bijna geen hond mij.

Ik citeer nog een stukje uit de Telegraaf:

Het is ronduit schokkend wat er bewust uit de politierapporten is weggelaten. Er worden methodes toegepast die je in een dictatuur mag verwachten, niet in een vrij land

Laten we nou net doen alsof we gek zijn en flauwvallen bij het lezen van die mededeling okay? Dan zijn de leden van het OM ook weer blij.

  

  

  • Ik heb 6 mappen vol met politiejournaals waarin allerlei bladzijden ontbreken en/of grote lappen tekst zijn zwart gemaakt. How shocking?
  • Ontlastend bewijsmateriaal wat voor de rechtzaak weggegooid werd. Over de oorzaak werd wreed gelogen.
  • Dhr. Akkerman, die gedwongen werd om te getuigen tegen Louis.  Die onder druk werd gezet door de recherche van de van Leijenberghlaan in Amsterdam. Nadien met de dood werd bedreigd door een arrestatieteam.
  • Honderden mensen zijn bezocht door de recherche waaronder ik.
    Enkele van hen heb ik gesproken en werden net als ik afgesnauwd omdat wij niets negatiefs te melden hadden.
  • Een teamleider, genaamd Bob Schagen die Dhr. Akkerman te kennen gaf dat zij (het team) er voor zouden zorgen dat Louis levenslang zou krijgen.

darknight

 

Tags: , , , , , , , ,


nov 04 2009

Penitentiaire Beginselen Wet Verlof

Category: Detentierecht,Nieuwsflitsadmin @ 20:37

 

 

 met het vertellen van leugens!

 

VERLOF Je krijgt het vaker niet dan wel!

Waarom belazert de Minister van Justitie goedgelovige burgers?

Minister Hirsch Ballin belazert de boel weer en de Roon speelt de onschuld zelve. Hieronder een overzichtje inzake verlof:

Artikel 26 Penitentiare Beginselen Wet

1 Een gedetineerde kan, ingevolge het derde en het vierde lid, worden toegestaan de inrichting te verlaten.

2 Het verlaten van de inrichting, bedoeld in het eerste lid, schort de tenuitvoerlegging van de vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel niet op.

3 Onze Minister stelt nadere regels aangaande het verlaten van de inrichting bij wijze van verlof. Deze betreffen in elk geval de criteria waaraan een gedetineerde moet voldoen om voor het verlof in aanmerking te komen, de bevoegdheid tot en de wijze van verlening, weigering, beperking en intrekking alsmede de duur en frequentie van het verlof en de voorwaarden die aan het verlof kunnen worden verbonden.

4 De directeur stelt een gedetineerde in de gelegenheid onder door hem te stellen voorwaarden de inrichting te verlaten teneinde een gerechtelijke procedure bij te wonen:

a. indien de gedetineerde krachtens wettelijk voorschrift verplicht is voor een rechter of bestuursorgaan te verschijnen;

b. indien de gedetineerde ter zake van een misdrijf moet terechtstaan;

c. indien de gedetineerde bij het bijwonen van de procedure een aanmerkelijk belang heeft en tegen het verlaten van de inrichting hiertoe geen overwegend bezwaar bestaat.

5 Met het oog op het verlaten van de inrichting, bedoeld in het vierde lid, kan de directeur aan daartoe door hem aangewezen ambtenaren of medewerkers bevelen dat de betrokken persoon naar de daartoe bestemde plaats wordt overgebracht.

6 Onze Minister kan nadere regels stellen omtrent de wijze waarop het vervoer van de gedetineerde ten behoeve het bijwonen van een gerechtelijke procedure, bedoeld in het vierde lid, plaatsvindt.

En dan hieronder geachte bezoeker een deel van de procedure van een verlofaanvraag lees vooral artikel 32:

REGELING van de Minister van Justitie houdende vaststelling van de regels aangaande het tijdelijk verlaten van de inrichting bij wijze van verlof of strafonderbreking

Artikel 1a

Indien de veroordeling tot een vrijheidsstraf nog niet onherroepelijk is, worden de strafduur en het strafrestant voor de toepassing van deze regeling berekend op grond van de veroordeling waartegen het rechtsmiddel is aangewend.

Artikel 2. Verzoek, ontvangst en beslissing

1. De directeur neemt het verzoek om verlof in ontvangst.

2. De minister beslist over verzoeken om verlof in de gevallen bedoeld in de artikelen 17, eerste lid, 32 en 39. In de overige gevallen beslist de directeur namens de minister.

Artikel 3. Inlichtingen en adviezen

1. Na ontvangst van het verzoek om verlof wint de directeur alle benodigde inlichtingen en adviezen in.

2. Betreft het een verzoek om verlof van een gedetineerde in voorlopige hechtenis, of een verzoek om verlof van een gedetineerde ten aanzien van wie en voor zolang het openbaar ministerie een executie-indicator zoals bedoeld in artikel 1 onder c van het besluit heeft geplaatst, dan vraagt de directeur het openbaar ministerie om advies.

3. De directeur kan zich tevens laten adviseren door de reclassering, de politie of hulpverleners. Inlichtingen van niet aan de inrichting verbonden artsen, psychiaters en psychologen kunnen slechts worden ingewonnen met schriftelijke toestemming van de betrokkene. 

Artikel 4. Weigeringsgronden

Het verlof wordt geweigerd in geval van:

a. ernstig vermoeden dat de gedetineerde zal proberen zich aan de detentie te onttrekken;

b. gevaar voor ernstige verstoring van de openbare orde of het plegen van strafbare feiten;

c. ernstig vermoeden dat het verlof zal leiden tot alcoholmisbruik, druggebruik of een poging tot invoer van contrabande;

d. gebleken onbetrouwbaarheid met betrekking tot het nakomen van afspraken;

e. risico voor een ongestoord verlof als gevolg van de gestoorde of agressieve persoonlijkheid van de gedetineerde;

f. risico voor een ongestoord verlof als gevolg van ernstige spanningen in de woon- of leefsfeer van de te bezoeken persoon;

g. risico van ongewenste confrontatie met slachtoffers van of anderszins betrokkenen bij het door de gedetineerde gepleegde misdrijf;

h. gevaar voor de gedetineerde;

i. risico van maatschappelijke onrust;

j. het ontbreken van een aanvaardbaar verlofadres;

k. een gedetineerde ten aanzien van wie vaststaat dat hij na de detentie zal worden uitgeleverd of ten aanzien van wie een uitleveringsprocedure loopt, tenzij hieraan schorsende werking is verleend;

l. een gedetineerde die ongewenst is verklaard, ten aanzien van wie een procedure tot ongewenstverklaring loopt, tenzij hieraan schorsende werking is verleend, of van wie vaststaat dat hij na de detentie zal worden uitgezet.

Artikel 5. Voorwaarden

1. Tenzij hij zijn verlofadres redelijkerwijs alleen over buitenlands grondgebied kan bereiken, is het de gedetineerde niet toegestaan tijdens het algemeen, regimesgebonden of incidenteel verlof Nederland te verlaten. In bijzondere omstandigheden kan de minister toestaan dat de gedetineerde aan wie strafonderbreking is verleend in het buitenland verblijft.

2. Bij de verlening van het verlof kunnen bijzondere voorwaarden worden gesteld, die het gedrag van de gedetineerde betreffen.

Artikel 6. Afhandeling door de directeur

1. Indien de directeur bevoegd is over het verlof te beslissen, stelt hij de gedetineerde schriftelijk in kennis van zijn beslissing.

2. Bij afwijzing van het verzoek wordt de beslissing kort gemotiveerd; zo nodig wordt zij mondeling toegelicht.

3. Alvorens advies aan de minister uit te brengen, hoort de directeur de gedetineerde.

Artikel 7. Afhandeling door de minister

1. De beslissing van de minister wordt onverwijld schriftelijk en zo nodig ook telefonisch meegedeeld aan de directeur van de inrichting waar de betrokken gedetineerde verblijft.

2. Bij een positieve beslissing geeft de minister in de schriftelijke mededeling aan de gedetineerde de aanvangsdatum van het verlof en eventuele bijzondere voorwaarden aan. Een schriftelijke mededeling houdende een afwijzende beslissing op een verlofaanvraag houdt een korte motivering in.

Artikel 8. Tenuitvoerlegging straf tijdens verlof

Gedurende het algemeen verlof, het regimesgebonden verlof, het incidenteel verlof en het verlof tijdens verblijf in een inrichting voor stelselmatige daders loopt de tenuitvoerlegging van de straf ofwel de maatregel door, gedurende de strafonderbreking wordt de tenuitvoerlegging van de straf opgeschort. In het geval bedoeld in artikel 10, tweede lid onder b, en in geval van ziekte wordt de tenuitvoerlegging geschorst vanaf het moment dat de gedetineerde terug had moeten keren.

Artikel 9. Overplaatsing

1. Wordt de gedetineerde tussen de verlening en het plaatsvinden van het verlof overgeplaatst naar een andere inrichting, dan voert de directeur van de laatstgenoemde inrichting de beslissing uit, tenzij gewijzigde omstandigheden hem aanleiding tot heroverweging geven.

2. Wordt de gedetineerde na indiening van het verzoek om verlof maar voordat daarop beslist is overgeplaatst naar een andere inrichting, dan neemt de directeur van de laatstgenoemde inrichting de behandeling van het verzoek over. De directeur van de inrichting van herkomst verstrekt hem daartoe alle inlichtingen en informatie. Betreft het een verzoek waarover de minister beslist, dan informeert de directeur van de inrichting van herkomst ook de minister.

Artikel 10. Incidenten

1. Indien zich tijdens het verlof een incident voordoet, kan de directeur, afhankelijk van de aard van het incident en het verlof, en de bestemming van de inrichting:

a. het volgende verlof geheel of gedeeltelijk intrekken of niet verlenen,

b. bij het volgende verlof bijzondere voorwaarden opleggen,

c. de gedetineerde intern overplaatsen, of

d. overplaatsing naar een andere afdeling of inrichting adviseren.

2. Van een incident als bedoeld in het eerste lid is in elk geval sprake wanneer de gedetineerde:

a. tijdens het verlof buiten de inrichting betrokken is bij een verstoring van de openbare orde of een strafbaar feit;

b. verwijtbaar te laat of niet in de inrichting terugkeert;

c. onder invloed van alcohol of verdovende middelen in de inrichting terugkeert;

d. bij terugkeer in de inrichting contrabande met zich meevoert.

3. Onverminderd de verplichting om het incident elders te signaleren, worden gegevens over incidenten tijdens verlof opgenomen in het penitentiair dossier.

Artikel 11. Ziekte

1. Indien de gedetineerde wegens ziekte niet in staat is tijdig naar de inrichting terug te keren, meldt hij dat onverwijld aan de inrichting. De gedeti-

neerde dient aan te tonen dat hij om medische redenen niet in staat is terug te keren.

2. De directeur neemt na overleg met de inrichtingsarts en, voor zover mogelijk, gehoord de gedetineerde, maatregelen met het oog op een zo spoedig mogelijke voortzetting van de detentie, eventueel in het penitentiair of een algemeen ziekenhuis. Daartoe kan na schriftelijke toestemming van de gedetineerde door de medische dienst van de inrichting ook contact worden gezocht met de door de gedetineerde geraadpleegde arts.

Artikel 12. Verlofpas

1. Aan een gedetineerde die zonder begeleiding met verlof gaat, wordt door de inrichting een verlofpas van een door de minister vastgesteld model verstrekt, waarop eventuele bijzondere voorwaarden worden vermeld.

2. De gedetineerde draagt de verlofpas buiten de inrichting steeds bij zich.

Artikel 13. Financiële kwesties

1. De directeur kan de gedetineerde een bijdrage in de reis- en verblijfkosten verstrekken. De minister geeft nadere richtlijnen omtrent het bedrag.

2. De gedetineerde is tijdens het verlof niet van rijkswege verzekerd tegen wettelijke aansprakelijkheid.

Hoofdstuk 2. Algemeen verlof

Artikel 14. Voorwaarden

1. Een gedetineerde komt eerst voor algemeen verlof in aanmerking wanneer hij, al dan niet onherroepelijk, is veroordeeld tot een vrijheidsstraf en:

a. ingeval de veroordeling onherroepelijk is, hij ten minste een derde deel van de onvoorwaardelijk opgelegde straf heeft ondergaan dan wel, ingeval de veroordeling nog niet onherroepelijk is, de duur van de in voorlopige hechtenis doorgebrachte tijd ten minste gelijk is aan een derde deel van de onvoorwaardelijk opgelegde straf; en

b. zijn strafrestant nog ten minste drie maanden en ten hoogste een jaar bedraagt.

2. Bij het bepalen van het strafrestant wordt ook de vervangende hechtenis op grond van de artikelen 24c en 24d van het Wetboek van Strafrecht en de gijzeling op grond van artikel 28, eerste lid, Wet administratieve handhaving verkeersvoorschriften meegeteld.

3. Algemeen verlof wordt niet verleend aan:

a. gedetineerden die verblijven in een inrichting waar het verlof deel uitmaakt van het regime;

b. gedetineerden aan wie tevens de maatregel van terbeschikkingstelling met dwangverpleging is opgelegd;

c. gedetineerden die geselecteerd zijn voor, dan wel geplaatst zijn in, een extra beveiligde of uitgebreid beveiligde inrichting of afdeling;

d. gedetineerden die geplaatst zijn in een Elektronisch Detentiehuis als bedoeld in artikel 2a van de Regeling selectie, plaatsing en overplaatsing gedetineerden.

Artikel 15. Duur

Het algemeen verlof wordt verleend voor een duur van maximaal 60 uur.

Artikel 16. Aantal

1. Het aantal algemene verloven waarom een gedetineerde mag verzoeken bedraagt maximaal de helft van het aantal maanden strafrestant, waarbij een maand wordt gesteld op 30 dagen met afronding van halven en minder naar beneden. Om te bevorderen dat de verloven zoveel mogelijk gelijkmatig over het strafrestant verspreid worden, stelt de directeur een verlofschema op. De laatste vijf dagen van de detentie vindt geen verlof plaats.

2. Wordt als gevolg van mutaties in de detentiegevens de ontslagdatum van de gedetineerde gewijzigd, dan wordt een nieuw verlofschema opgesteld.

Artikel 17. Beslissingsbevoegdheid

1. De minister beslist over een eerste verzoek om algemeen verlof indien:

a. het een gedetineerde betreft die al dan niet onherroepelijk, is veroordeeld tot een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf langer dan twee jaar of die veroordeeld is wegens een delict waarbij sprake was van een grote maatschappelijke onrust; zijn evenwel zowel het openbaar ministerie als de directeur van mening dat het verlof niet moet worden verleend, dan doet de directeur de aanvraag af;

b. het openbaar ministerie, al dan niet verplicht geraadpleegd, anders dan de directeur van mening is dat het verlof niet moet worden verleend.

2. In alle overige gevallen wordt de beslissing omtrent het verlenen van algemeen verlof door de directeur genomen.

3. De directeur beslist namens de minister over verzoeken om vervolgverlof. De directeur neemt een verzoek om vervolgverlof in behandeling nadat de gedetineerde een eerste algemeen verlof heeft verkregen en dit verlof goed is verlopen. Incidenten bij of tijdens het vorige algemeen verlof zijn voor de directeur aanleiding om het daarop volgende verzoek voor verlof af te wijzen.

Artikel 18. Gewijzigde omstandigheden

In verband met gewijzigde omstandigheden kan de directeur een reeds verleend algemeen verlof of het daarvan nog resterende gedeelte intrekken, naar een ander tijdstip verplaatsen of er nadere voorwaarden aan stellen. Indien de beslissing is genomen door de minister stelt de directeur hem onverwijld van de gewijzigde omstandigheden in kennis.

Hoofdstuk 3. Regimesgebonden verlof

Artikel 19. Voorwaarden

1. De directeur kan aan gedetineerden die verblijven in een inrichting waar vierwekelijks verlof deel uitmaakt van het regime, eenmaal per vier weken regimesgebonden verlof verlenen.

2. Het verlof, bedoeld in het eerste lid, vindt volgens een door de directeur, na overleg met de gedetineerde, opgesteld verlofschema plaats in het weekend of gedurende een periode waartoe een algemeen erkende feestdag behoort. De directeur kan in uitzonderlijke omstandigheden anders bepalen.

3. Aan gedetineerden die verblijven in een inrichting waar wekelijks verlof deel uitmaakt van het regime wordt ieder weekend regimesgebonden verlof verleend.

4. De maximale duur van het verlof, bedoeld in het eerste lid, is 52 uur. Het mag tijdens het verblijf in de inrichting tweemaal tot 76 uur verlengd worden. Aan gedetineerden die zich door goed gedrag onderscheiden, kan de directeur daarenboven een verlengd verlof verlenen voor de weekends van Pasen en Pinksteren. Voorts kan hij erin toestemmen dat het laatste verlof van een jaar en het eerste verlof van het daaropvolgende jaar desgewenst kan worden verleend als een verlof voor Kerst respectievelijk voor Nieuwjaar, waarbij een van beide verloven verlengd mag worden.

5. De maximale duur van het verlof, bedoeld in het derde lid, is 52 uur. Daarenboven kan de directeur verlof verlenen voor de algemeen erkende feestdagen als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Algemene termijnenwet.

6. De directeur beslist over weigering of verplaatsing van regimesgebonden verlof. Na overleg met de gedetineerde stelt de directeur een verlofschema op.

7. In een beperkt beveiligde inrichting wordt in het laatste weekend van de detentie geen regimesgebonden verlof verleend, behoudens bijzondere gevallen.

Artikel 20. Uitgesloten van regimesgebonden verlof

1. Aan gedetineerden die nog geen vier werkweken verblijven in een beperkt beveiligde inrichting wordt geen regimesgebonden verlof verleend, tenzij het gaat om gedetineerden die in het kader van detentiefasering in de inrichting worden geplaatst. In dat geval kan een reeds verleend algemeen verlof dat nog niet heeft plaatsgevonden, worden omgezet in een regimesgebonden verlof.

2. Aan gedetineerden die verblijven op een normaal beveiligde afdeling van een beperkt beveiligde inrichting, wordt geen regimesgebonden verlof verleend.

3. Aan gedetineerden die deelname weigeren, dan wel hun deelname weigeren voort te zetten aan een traject in het kader van het programma Terugdringen Recidive wordt geen regimesgebonden verlof verleend.

Artikel 20a

Gedetineerden die verblijven in een zeer beperkt beveiligde inrichting die tevens is aangewezen als Elektronisch Detentiehuis als bedoeld in artikel 2a van de Regeling selectie, plaatsing en overplaatsing van gedetineerden, komen niet voor regimesgebonden verlof in aanmerking. Ingeval van overplaatsing van een gedetineerde naar een Elektronisch Detentiehuis is artikel 9 niet van toepassing.

Hoofdstuk 3a. Verlof tijdens verblijf in een inrichting voor stelselmatige daders

Artikel 20b

Artikel 4, onder j, is niet van toepassing op het verlenen van verlof aan een betrokkene, voor zover het verlof zich niet uitstrekt over de nacht.

Artikel 20c

1. De directeur kan aan een betrokkene ten aanzien van wie de tenuitvoerlegging tenuitvoerlegging van de intramurale fase van de maatregel plaatsvindt verlof toekennen. De directeur bepaalt de frequentie en de duur van het verlof.

2. Het verlof wordt verleend voor ten minste 2 uur en ten hoogste 52 uur per week.

3. Bij de bepaling van de frequentie en het aantal uren verlof houdt de directeur rekening met de mate waarin vertrouwen bestaat dat het verlof zonder incidenten zal verlopen.

4. De directeur kan besluiten dat de betrokkene tijdens het verlof wordt begeleid.

Hoofdstuk 4. Incidenteel verlof

Artikel 21. Voorwaarden

1. Incidenteel verlof kan worden verleend voor het bijwonen van gebeurtenissen in de persoonlijke sfeer van de gedetineerde, waarbij zijn aanwezigheid noodzakelijk is.

2. Incidenteel verlof kan indien nodig onder begeleiding of bewaking plaatsvinden.

3. Incidenteel verlof wordt niet verleend indien de gedetineerde binnen een maand na de beoogde verlofdatum in aanmerking komt voor invrijheidstelling of regimesgebonden of algemeen verlof en het beoogde bezoek in dat kader kan worden afgelegd.

4. Bij de bepaling van de duur van het incidenteel verlof wordt in ieder geval rekening gehouden met de benodigde reistijd en beveiliging. Het incidenteel verlof eindigt op de dag waarop het is aangevangen. Indien de benodigde reistijd dat niet toelaat eindigt het in ieder geval de daarop volgende dag.

Artikel 22. Bezoek

1. Voordat het incidenteel verlof wordt verleend voor een bezoek aan een persoon, dient ten aanzien van de te bezoeken persoon vast te staan dat:

a. de beweerde band bestaat,

b. de relatie hecht is, en

c. de te bezoeken persoon geen bezwaar tegen het bezoek heeft.

2. Incidenteel verlof kan slechts worden verleend in verband met geboorte, ziekte, lichamelijke of geestelijke gesteldheid of overlijden van een relatie indien de desbetreffende toestand of gebeurtenis door een arts respectievelijk de burgerlijke stand is bevestigd.

3. Uit veiligheidsoverwegingen kunnen aan de plaats van het bezoek nadere eisen worden gesteld.

Artikel 23. Levensgevaar of ernstige psychische nood

Incidenteel verlof kan worden verleend voor een bezoek aan een in levensgevaar of ernstige psychische nood verkerende levenspartner, kind, ouder, broer, zuster, grootouder of schoonouder van de gedetineerde.

Artikel 24. Sterfgeval

1. Incidenteel verlof kan worden verleend voor een bezoek in verband met het overlijden van de levenspartner, of een kind, ouder, broer, zuster, grootouder of schoonouder van de gedetineerde.

2. Het bezoek kan bestaan in het bijwonen van de uitvaart, een rouwbezoek dan wel een bezoek aan graf of columbarium.

3. Het bijwonen van de uitvaart is uitgesloten indien bewaking is aangewezen.

4. Toestemming voor het bijwonen van de uitvaart of het brengen van een rouwbezoek kan slechts worden verleend indien de nabestaanden van de overledenen daartegen geen bezwaar hebben.

Artikel 25. Niet tot reizen in staat zijnde familieleden

1. Incidenteel verlof kan worden verleend voor een bezoek aan een niet tot reizen in staat zijnde levenspartner, kind en ouder, indien deze wegens medische of psychische belemmeringen niet in staat is de inrichting te bezoeken en de gedetineerde gedurende drie maanden niet heeft kunnen ontmoeten.

2. Incidenteel verlof voor een bezoek aan kind jonger dan 12 jaar kan daarnaast worden verleend indien redenen van sociaal-psychologische aard zich tegen een bezoek van het kind aan de inrichting verzetten, en de gedetineerde het recht op omgang met het kind niet is ontzegd.

Artikel 26. Kraambezoek

1. Incidenteel verlof kan worden verleend voor een kraambezoek aan de levenspartner van de gedetineerde en het pasgeboren kind.

2. Behoudens medische complicaties vindt het kraambezoek binnen 14 dagen na de bevalling plaats.

Artikel 27. Onderling gedetineerdenbezoek

1. Incidenteel verlof voor een bezoek aan gedetineerde levenspartner, kind, ouder, broer en zuster kan slechts worden verleend indien de gedetineerden elkaar ten gevolge van de detentie ten minste drie maanden niet hebben ontmoet.

2. Indien de gedetineerden niet in dezelfde inrichting verblijven, dienen beide inrichtingen met het bezoek in te stemmen.

Artikel 28. Medische, therapeutische en tandheelkundige behandelingen

1. Incidenteel verlof voor medische, psychiatrische, psychotherapeutische of tandheelkundige behandeling kan alleen worden verleend na verwijzing door de inrichtingsarts of de districtspsychiater.

2. Incidenteel verlof voor herhaalde psychotherapeutische behandeling kan in beginsel slechts worden verleend aan gedetineerden die zelfstandig kunnen reizen.

Artikel 29. Intakegesprekken

1. Incidenteel verlof voor een intakegesprek kan aan een voorlopig gehechte gedetineerde worden verleend na bevel van een rechterlijke autoriteit of het openbaar ministerie, dan wel na verwijzing door de districtspsychiater of inrichtingsarts.

2. Incidenteel verlof voor een intakegesprek kan aan een onherroepelijk veroordeelde gedetineerde worden verleend na verwijzing door de districtspsychiater, de inrichtingsarts of een andere aan de inrichting verbonden hulpverlener.

3. Incidenteel verlof voor een intakegesprek als bedoeld in het tweede lid kan niet worden verleend aan gedetineerden die slechts onder bewaking de inrichting mogen verlaten, tenzij een passend beveiligingsniveau kan worden gewaarborgd.

Artikel 30. Studie, opleiding en examens

1. Incidenteel verlof in verband met studie of vakopleiding kan slechts worden verleend indien de studie of vakopleiding voorafgaand aan de detentie is aangevangen, uitzicht bestaat op een spoedige afronding en de gedetineerde zelfstandig kan reizen.

2. Incidenteel verlof in verband met deelname aan examens kan slechts worden verleend indien de gedetineerde zelfstandig kan reizen of een passend beveiligingsniveau kan worden gewaarborgd.

Artikel 31. Voorbereiding op invrijheidstelling

1. Incidenteel verlof kan worden verleend om de gedetineerde in de gelegenheid te stellen, praktische voorbereidingen op zijn invrijheidstelling te treffen.

2. Incidenteel verlof als bedoeld in het vorige lid wordt slechts verleend indien de invrijheidstelling binnen drie maanden te verwachten valt en de voorbereidingen niet op een andere wijze kunnen worden getroffen.

Artikel 32. Beslissingsbevoegdheid

1. De minister beslist indien het openbaar ministerie anders dan de directeur adviseert tot afwijzing of het een verzoek betreft van een gedetineerde die behoort tot een bijzondere categorie als bedoeld in het tweede lid. In de overige gevallen beslist de directeur.

2. De bijzondere categorieën zijn:

a. onherroepelijk veroordeelden aan wie de maatregel van terbeschikkingstelling met dwangverpleging is opgelegd;

b. personen ten aanzien van wie op grond van artikel 37 Wetboek van Strafrecht een last tot plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis is gegeven, en die als passant in een huis van bewaring wachten op overbrenging naar een dergelijke inrichting;

c. gedetineerden verblijvend in een extra beveiligde inrichting;

d. gedetineerden verblijvend in een uitgebreid beveiligde inrichting;

e. gedetineerden verblijvend in een inrichting voor gedetineerden die een extreem beheersrisico vormen;

f. gedetineerden op de wachtlijst voor opname in een inrichting genoemd onder c, d en e;

g. gedetineerden die door de Afdeling Individuele Zaken van de sector Gevangeniswezen van de Dienst Justitiële Inrichtingen aangemerkt zijn als vlucht- of gemeengevaarlijk;

h. gedetineerden die op grond van artikel 24, eerste lid, van de wet in afzondering zijn geplaatst;

i. personen die zijn gedetineerd wegens een delict waarbij sprake was of is van een grote mate van maatschappelijke onrust;

j. gedetineerden die op grond van artikel 87 van de Faillissementswet in verzekerde bewaring zijn gesteld;

k. gegijzelden en personen die in het kader van lijfsdwang rechtens van hun vrijheid beroofd zijn;

l. gedetineerden die, al dan niet onherroepelijk, zijn veroordeeld tot een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf van meer dan twee jaar;

m. gedetineerden die een verzoek voor incidenteel verlof indienen voor één van de behandelingen genoemd in artikel 28 eerste lid, waarbij geen afdoende beveiliging kan worden gerealiseerd en ook in overleg met het Penitentiair Ziekenhuis geen oplossing kan worden bereikt.

Artikel 33. Gewijzigde omstandigheden

In verband met gewijzigde omstandigheden kan de directeur een reeds verleend incidenteel verlof of het daarvan nog resterende gedeelte intrekken, naar een ander tijdstip verplaatsen of er nadere voorwaarden aan stellen. Indien de beslissing is genomen door de minister stelt de directeur hem onverwijld van de gewijzigde omstandigheden in kennis.

Hoofdstuk 5. Strafonderbreking 

Artikel 34. Voorwaarden

Strafonderbreking kan worden verleend wegens zodanig bijzondere omstandigheden in de persoonlijke sfeer, dat niet kan worden volstaan met een andere vorm van verlof.

Artikel 35. Duur

Bij het bepalen van de duur van de strafonderbreking wordt rekening gehouden met de omstandigheden van het geval. De strafonderbreking duurt minimaal twee etmalen en maximaal drie maanden.

Artikel 36. Bezoek

Strafonderbreking kan worden verleend voor verzorging van een ernstig zieke levenspartner, kind of ouder, voor het bijwonen van de bevalling van de levenspartner van de gedetineerde en voor de gevallen bedoeld in de artikelen 23 en 24. Het bepaalde in artikel 22, eerste en tweede lid, is van overeenkomstige toepassing. 

Artikel 37. Medische en therapeutische redenen

Strafonderbreking kan worden verleend wegens dringende redenen van lichamelijke of psychische aard, gelegen in de persoon van de gedetineerde, indien en voor zover de inrichtingsarts heeft bevestigd dat deze redenen aan de voortzetting van detentie in de weg staan.

Artikel 38. Zakelijke omstandigheden

1. Strafonderbreking kan eenmalig worden verleend in verband met dringende omstandigheden van zakelijke aard.

2. De gedetineerde dient aan te tonen dat zijn persoonlijke aanwezigheid noodzakelijk is en dat de zakelijke belangen al voor aanvang van de detentie bestonden.

Artikel 39. Beslissingsbevoegdheid

Strafonderbreking kan slechts worden verleend, gewijzigd en ingetrokken door de minister.

Artikel 40. Gewijzigde omstandigheden

In verband met gewijzigde omstandigheden kan de minister een reeds verleende strafonderbreking of het daarvan nog resterende gedeelte intrekken, naar een ander tijdstip verplaatsen of er nadere voorwaarden aan stellen. Daartoe stelt de directeur de minister onverwijld van de gewijzigde omstandigheden in kennis.

Hoofdstuk 6. Overgangsbepaling, inwerkingtreding en citeertitel

Artikel 41

Een verzoek om verlof dat ingediend is voor de inwerkingtreding van deze regeling wordt afgedaan volgens de regels zoals die golden voor de inwerkingtreding van deze regeling.

Verloven waarvoor voor de inwerkingtreding van deze regeling toestemming is verleend worden beoordeeld volgens de regels zoals die golden voor de inwerkingtreding van deze regeling.

Artikel 42. Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking op 1 januari 1999.

Artikel 43. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling tijdelijk verlaten van de inrichting.Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

 

De Minister van Justitie

 

Tags: , , , , , , , , , ,


nov 04 2009

De onzin van Hirsch Ballin

Category: Nieuwsflits,Rechtstaatadmin @ 09:04

 

Vluchtgevaar beperkt

door Dennis Naaktgeboren

Den Haag – Het verlofstelsel voor gedetineerden gaat volledig op de schop. De belangen van slachtoffers, de zwaarte van het misdrijf en vluchtgevaar gaan een veel grotere rol spelen bij de beoordeling of criminelen in aanmerking komen voor enkele dagen vrijaf.

De standaardverlofregelingen maken plaats voor persoonsgebonden afwegingen. Op basis daarvan kunnen gedetineerden voortaan ook voor verlof geweigerd worden. Dat melden bronnen in Den Haag. Minister Hirsch Ballin en staatssecretaris Albayrak (Justitie) kondigen de rigoureuze herijking van het verlofstelsel waarschijnlijk morgen aan bij de behandeling van de justitiebegroting.

Lees het volledige bericht: De Telegraaf

 

Wat kunnen sommige lieden toch een onzin uitkramen! Onvoorstelbaar.

Men moest eens weten hoe een verlofprocedure in gang wordt gezet en wordt afgehandeld. Wat de Minister nu verkondigd is echt BULL SHIT. Laat hij al die afgewezen verlofaanvragen (lees geweigerde verlofaanvragen) ook eens openbaar maken!

De aankondiging heeft alles te maken met een grote bezuinigingsoperatie. De directeuren zijn allang geen directeuren meer maar MANAGERS, sterker nog FINANCIEEL MANAGER.

Bedenk wel dat er meer ontspoorden buiten lopen, waar men dagelijks MEER LAST van heeft dan van die enkele gedetineerde die niet terugkeert van verlof.

Makkelijk hoor om jezelf te verrijken door krantenkoppen waarbij men het probleem verschuift naar de gedetineerden.

Ik wil graag de cijfers zien van gedetineerden die wel terugkeren na verlof en die niet terugkeren na verlof waarbij dan ook nog een misdrijf aan de orde is geweest. Zo ook van alle ingediende verlofaanvragen die goedgekeurd en afgewezen zijn!

 

 

Tags: , , , , , , , ,